Nieuws
Huisgenote
Het is midden in de nacht en ik kom thuis van een avond vol met drank. Mijn huisgenote J. zit met een kerel op de bank. Het is duidelijk dat die kerel mijn huisgenote probeert te regelen en dat zij niet geďnteresseerd is. Ik loop met een big smile door de woonkamer naar mijn eigen kamer en trap de deur open. Nonchalant zeg ik: “Kerel let maar eens op hoe je fatsoenlijk een chick regelt.”Daarna lok ik met mijn vinger mijn huisgenote en fluister: “Nu heb ik je met een vinger laten komen, moet je nagaan wat ik met de rest van mijn lichaam kan doen.” Ik draai me om en sluit de deur. Ik lach om mijn domme dronken opmerking. Twee seconden later wordt er op mijn deur geklopt en staat mijn huisgenote J. nog steeds voor de deur. Ze vraagt of ze binnen mag komen. Een uurtje later liggen we samen naakt en voldaan in mijn bed.
Twee dagen later komt mijn huisgenote J. naar me toe met de mededeling dat ze het aan haar vriendje heeft verteld en dat het nu een soort van uit is. Ik heb geen idee hoeveel soorten “uit” er bestaan maar dat zal me aan mijn reet jeuken. Verbaasd kijk ik haar aan en vraag of ze een vriendje had? Ze loopt huilend weg. Een andere huisbewoner komt net binnen en vraagt wat er met J. aan de hand is. Ik vertel hem dat het uit is met haar vriendje omdat ze vreemd is gegaan. Mijn huisgenoot zegt dat verhaal ook te hebben gehoord en vraagt me of ik enig idee heb met wie ze vreemd is gegaan. Ik haal nonchalant mijn schouders op en vraag aan mijn huisgenoot wie dat vriendje eigenlijk zou moeten zijn. Mijn huisgenoot lacht en zegt dat het ex-vriendje zeker eens per week met ons mee-eet. Terwijl ik me afvraag wie die kerel dan wel niet zou kunnen zijn, word ik gebeld. Het is M., een oude scharrel van me toen ik nog op de middelbare zat. Ze vraagt of ik binnenkort wat te doen heb omdat ze zin heeft om wat te drinken. Mijn agenda staat nog niet vol. Ik zeg toe en ga verder met mijn dingen.
Huistrui
Drie dagen later staat M. voor mijn deur en samen trekken we op de bank een flesje wijn open. Nadat we net een filmpje op hebben gezet en het ons makkelijk maken, wordt er op mijn deur geklopt. “Hey Pikkestein, kom we gaan naar de constitutieborrel van J.” Constitutieborrel? “Jazeker, ze gaat bestuur doen van een of andere club.” Meteen denk ik aan die ellenlange weg naar het clubhuis en het zweet breekt me uit. “Ik kan niet, ik heb bezoek”, leg ik uit. “Je moet, we gaan anders maar met z’n tweeën omdat de rest van het huis ergens anders aan het drinken is.” Ik vraag aan M. of ze het erg vindt om naar een constitutieborrel te gaan. Ze vindt het geen probleem en ik trek snel mijn huistrui aan. Mijn andere twee huisgenoten staan al buiten op de fiets te wachten en geven M. nog snel de huistrui van J. “Dan lijkt het zelfs of we met z’n vieren zijn”, is het excuus.
Na dertig lange minuten zijn we eindelijk buiten de bebouwde kom en zijn bij het clubhuis. Onderweg weten mijn huisgenoten nog een aantal keer de vreemde situatie van J. aan het licht te brengen. Terwijl ik me constant van de domme houd, zit het me nog steeds niet lekker dat ik het ex-vriendje niet ken. We lopen het clubhuis in en op het moment dat de deur open gaat, zie ik een tapper achter de bar. Het kwartje valt. Ik loop met lood in mijn schoenen naar de barman toe. Mijn hoofd is leeg. Wat zeg ik tegen die gast? Niks komt er in me op. Ik sta tegenover hem en vraag: “Alles goed?” en schiet in de lach. Net voordat hij naar buiten rent noemt hij me een eikel en gooit een biertje in mijn gezicht. J. ziet alles gebeuren en rent achter haar ex-vriendje aan.
De waarheid
Onderweg stopt ze nog even bij me en kijkt verbaasd M. aan. Ze vraagt wie ze is en waarom M. haar huistrui aan heeft. Godverdegodver! Kutvraag nummer twee in één minuut en ook hier kan ik alleen maar foute antwoorden op geven. De oude grijze massa laat me in de steek. Zonder enig greintje creativiteit meld ik noodgedwongen maar de waarheid. “Het is een oude vriendin en vannacht blijft ze slapen”. J. slaat me met een vlakke hand in het gezicht en gooit daarna het tweede glas bier van die avond in mijn gezicht. Beduusd blijf ik staan en ik zie mijn twee huisgenoten op de grond liggen van het lachen. Ook hun kwartjes zijn gevallen.





